The Morning Show begint zoals zoveel verhalen over machtsmisbruik beginnen, namelijk met een val. In dit geval gaat het om een boycot van een bekende persoonlijkheid, iets wat we de laatste tijd vaker zien. In de openingsscène van de Apple TV-serie wordt Mitch Kessler, jarenlang het geliefde gezicht van Amerika’s populairste ochtendshow, ontslagen wegens seksueel grensoverschrijdend gedrag. Zijn co-presentatrice Alex Levy – gespeeld door Jennifer Aniston – moet dit nieuws live op televisie aankondigen, terwijl achter de schermen een netwerk in paniek raakt en probeert te redden wat er te redden valt.

Het is 2017, de #MeToo-beweging staat op het punt om Hollywood en de mediawereld op zijn kop te zetten, en niemand weet nog hoe hiermee om te gaan. Het netwerk wil de zaak sussen. Alex wil haar carrière beschermen. En dan komt Bradley Jackson – een lokale journalist uit West Virginia die viraal gaat na een confrontatie bij een kolenmijn – het verhaal binnenwandelen als een orkaan die alles op zijn kop zet.

Bradley, gespeeld door Reese Witherspoon, is alles wat het gepolijste tv-wereldje niet is: onbezonnen, impulsief, wars van scripts en producers die haar vertellen wat ze moet zeggen. Ze krijgt de kans om co-presentatrice te worden. Niet omdat ze geknipt is voor de rol, maar omdat het netwerk haar authenticiteit kan gebruiken als marketingtool. Maar Bradley is geen marketingtool. Ze is een waarheidszoeker en dat maakt haar gevaarlijk.

In de vierde aflevering van het eerste seizoen zit Bradley tegenover Ashley Brown, een van de vrouwen die Mitch Kessler hebben beschuldigd. Het interview is van tevoren uitgeschreven, met gescripte vragen met veilige antwoorden, zodat het netwerk nergens verantwoordelijk voor kan worden gehouden. Maar midden in het gesprek, wanneer Bradley voelt dat Ashley meer te vertellen heeft, doet ze iets wat je in de televisiewereld simpelweg niet doet: ze trekt haar oortje eruit. Ze kapt de stem af die haar vertelt wat ze moet vragen en ze vraagt door.

“Hij brandmerkte me,” zegt Ashley dan, terwijl de camera op haar gezicht blijft hangen, op die combinatie van verdriet en onmacht die je nooit meer vergeet als je het eenmaal hebt gezien. “Hij stal mijn zelfvertrouwen. Mijn eigenwaarde. En toen verdronk ik, en er was niemand die me een reddingslijn toewierp. Niemand.”

Er zijn momenten waarop fictie voelt als een klap in je gezicht. Niet omdat het ongeloofwaardig is, maar juist omdat het zo herkenbaar is dat je adem even stokt. Vorig jaar heb ik maandenlang gesprekken gevoerd met vrouwen die precies hetzelfde vertelden. Het brandmerk. De gestolen eigenwaarde. Het verdrinken terwijl iedereen om je heen toekeek. Het niet geloofd worden. Het geïsoleerd raken. Het gevoel dat iedereen wist wat er gebeurde, maar dat niemand vroeg of je oké was. Elk gesprek brak iets in mij.
En daarom raakt The Morning Show. Het is geen glamoureuze televisieserie over prachtige mensen die over belangrijke onderwerpen praten. Het is een autopsie van een industrie die zichzelf ‘de waarheid’ noemt, terwijl het eigenlijk een gechoreografeerde leugen is, verpakt in mooie kleding en spotlights.

Deze opzet alleen al is sterk, maar de serie is zoveel meer. Het is een studie hoe macht werkt, en hoe moeilijk het is om die dynamiek überhaupt te zien als je er middenin zit.
Mitch Kessler, gespeeld door Steve Carell, heeft zo’n onderhuidse charme dat je bijna vergeet waarom hij ontslagen is – en dat is precies het punt. Hij kent de namen van alle collega’s, vraagt naar hun honden en gezinnen en maakt grappen die iedereen aan het lachen maken. Hij is charmant. Geliefd. Hij is niet het stereotype van een pleger en dat maakt het juist zo gecompliceerd, maar vooral zo waarheidsgetrouw. Want plegers passen vaak niet in een stereotype.

Wat de serie laat zien, is dat macht niet altijd eruitziet als bewuste manipulatie. Soms ziet het eruit als iemand die belangstelling toont, die aardig is, die je het gevoel geeft dat je gezien wordt. En soms beseft die persoon zelf niet eens hoe groot het machtsverschil is. Hoe een compliment dat voor hem gewoon aardig bedoeld is, voor de ander voelt als druk. Hoe een uitnodiging die hij als vriendschappelijk ziet, voor de ander voelt als een test waarvan haar carrière afhangt.

Wat The Morning Show briljant doet, is die verschillende perspectieven laten zien zonder simpele antwoorden te geven. Er zijn scènes waarin collega’s van Mitch verontwaardigd zijn. “Je mag tegenwoordig niets meer zeggen!” Ze zijn oprecht verward. “Je mag niet eens meer een knuffel geven!” Ze voelen zich onterecht beschuldigd, alsof normaal menselijk contact ineens verdacht is geworden.
En hier wordt het lastig en voor velen herkenbaar, want sommigen hebben gelijk. Ze zijn zich oprecht niet bewust van machtsstructuren, ze bedoelen het goed, ze begrijpen niet waarom de regels ineens anders zijn. Maar bij anderen blijkt die verontwaardiging iets anders te verhullen. Een besef dat misschien wel altijd aanwezig was, maar waar nooit naar gehandeld hoefde te worden.

Dat patroon zag ik vorig jaar ook in mijn gesprekken. Niet elke man is een pleger, maar bijna elke vrouw heeft verhalen. En wat maakt dat verschil? Hoe kan het dat de ene kant ervaart, terwijl de andere kant het nauwelijks ziet?
Het antwoord zit hem in macht. Macht is vaak onzichtbaar voor degenen die het hebben.
Neem bijvoorbeeld de collega die zegt dat je talent hebt. Misschien meent hij dat. Maar ziet hij hoe kwetsbaar dat compliment je maakt, hoe afhankelijk van zijn goedkeuring? Of de mentor die je uitnodigt voor een borrel om je carrière te bespreken. Misschien is het echt alleen maar een borrel. Maar voelt hij hoe moeilijk het is om nee te zeggen zonder je toekomst op het spel te zetten?

Het zijn in de basis menselijke gedragingen, en ze zouden ook normaal moeten zijn. Maar door mensen die hun macht niet zien, en deze misbruiken, wordt dit gedrag nu anders bekeken. Dat kan je de mensen die dat als een risico ervaren niet kwalijk nemen, wat nu vaak gebeurt. Dat kan alleen degenen die dit gegeven inzetten om meer van je te krijgen aangerekend worden.

De serie laat daarnaast zien hoe een hele wereld – niet alleen Mitch, maar iedereen om hem heen – jarenlang heeft gefunctioneerd zonder dat de meeste mensen doorhadden wat er gebeurde. Niet omdat ze compleet blind waren, maar omdat niet kijken makkelijker was. Omdat het systeem zo was ingericht dat bepaalde dingen niet gezegd werden. Omdat carrières ermee gemoeid waren. Omdat iedereen zijn eigen redenen had om te blijven geloven dat alles in orde was.

Alex Levy heeft vijftien jaar naast Mitch gezeten. Vijftien jaar waarin ze zegt dat ze van niets wist. Misschien gelooft ze dat zelf ook. De serie laat zien hoe mensen dingen kunnen weten en niet weten tegelijk. Hoe je een gevoel kunt wegdrukken omdat het makkelijker is. Hoe je signalen kunt missen omdat je niet wilt zien wat ze betekenen. Hoe je kunt denken dat als iets echt erg was geweest, iemand het je toch wel verteld zou hebben.
Maar waarom zou iemand het je vertellen als het systeem hen afstraft voor spreken? Als klagen betekent dat je moeilijk bent? Als je weet dat de persoon aan wie je het zou moeten vertellen, beter bevriend is met de pleger dan met jou?

De televisiewereld in The Morning Show is een vergrootglas. De hiërarchie is extreem, de verhoudingen zijn overduidelijk, de afhankelijkheid is compleet. Maar de mechanismen zijn universeel. Het draait om wie de macht heeft om te definiëren wat normaal is. Om wie de ruimte heeft om fouten te maken zonder consequenties. Om wie geloofd wordt wanneer verhalen botsen.
En dan is er Bradley Jackson, die doorvraagt. Die weigert om het script te volgen. De serie gebruikt haar niet als een simpele heldin. Bradley is chaotisch, imperfect, soms ronduit destructief. Maar ze doet iets wat in systemen zelden wordt beloond: ze luistert naar wat er niet gezegd mag worden.

Wat zij voelt is geen moed, maar ongemak. Het moment waarop je weet dat je volgens de heersende orde beter kunt stoppen en toch doorgaat. Niet omdat je zeker weet dat je gelijk hebt, maar omdat je weet dat stoppen makkelijker is dan eerlijk zijn.
The Morning Show laat zien hoe duur dat moment kan zijn. Hoe eerlijkheid een prijs heeft. Hoe systemen zelden ontworpen zijn om de waarheid te dienen, maar om zichzelf te beschermen. En hoe iedereen daarin meespeelt, vaak zonder kwade bedoelingen, maar met grote gevolgen.

Want Ashley betaalde met haar zelfvertrouwen. Anderen betaalden met hun carrière. En het systeem blijft doorgaan, met nieuwe gezichten en hetzelfde mechanisme.
Journalistiek zit niet in een glimlach of een goedgekeurd script. Het zit in het herkennen van dat ene moment waarop je kunt wegkijken of doorvragen. In het besluit om je oortje eruit te trekken, terwijl je weet wat het je kan kosten.
Maar dat moment bestaat niet alleen in een televisiestudio. Het bestaat in vergaderzalen, in redactiekamers, in klaslokalen, in huiskamers. Overal waar iemand voelt dat er iets niet klopt en je moet kiezen tussen comfort en confrontatie. Tussen erbij horen en eerlijk zijn.
Niet iedereen kan dat. Niet iedereen hoeft dat. Maar zolang niemand het doet, blijft alles precies zoals het was.
En misschien is dat de enige les die deze serie echt stelt: dat zelfs een kleine stem iets kan betekenen. Dat zelfs een vlo in een vijver vol met grote vissen kan bijten.